Zoeken
Een overzicht van de persberichten van Stichtse Rijnlanden.
Dit is een voorlopige planning. Deze wordt wordt aangepast als we nieuwe informatie hebben, of als we meer details kunnen geven.
Een geotechnisch onderzoek geeft inzicht of de dijk bouwkundig sterk genoeg is. De bodemopbouw, de dikte en de kwaliteit van de kleilaag en het soort zand bepalen de sterkte en het draagvermogen van de dijk.
Het ecologisch onderzoek bestaat uit een quickscan flora en fauna en eventueel uit vervolgonderzoeken. Met de quickscan flora en fauna wordt onderzocht welke (beschermde) flora en fauna er in het gebied aanwezig kunnen zijn.
Voor het waterschap aan het werk gaat, wil het weten waar bomen staan, wat voor bomen het zijn en hoe gezond ze zijn. Werkzaamheden aan de dijk kunnen bomen beschadigen, bijvoorbeeld als de grond verhoogd moet worden of als er damwanden geplaatst moeten worden. Vooral de wortels van bomen zijn kwetsbaar. Soms is het ook nodig om bomen te kappen. Dat kan nodig zijn voor onderzoeken of om ruimte te maken voor werkzaamheden aan de dijk.
Op basis van bestaande informatie wordt onderzocht of er mogelijk archeologische resten in de bodem zitten. Door hier al vroeg rekening mee te houden, kunnen deze resten worden beschermd tijdens de werkzaamheden aan de dijk. Het waterschap werkt hiervoor samen met deskundigen, onder andere van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE).
Om veilig te kunnen werken, wordt eerst onderzocht of er mogelijk nog oude munitie (‘ontplofbare oorlogsresten’) in het gebied ligt. Waar nodig wordt ter plaatse aanvullend onderzoek gedaan. Wordt er wat gevonden, dan worden de Explosieven Opruimingsdienst (EOD) en veiligheidsdiensten ingeschakeld.
Met een landmeetkundige opname wordt de opbouw en hoogte van de bodem vastgesteld. Dit wordt uitgevoerd vanaf de grond met landmeetkundige apparatuur, of vanuit de lucht met een drone. Tijdens de metingen wordt de ondergrond niet verstoord.
Werkzaamheden in de grond moeten vooraf worden gemeld bij het Kabels en Leidingen Informatiecentrum (KLIC). Hiermee wordt voorkomen dat kabels en leidingen beschadigen tijdens werkzaamheden.
Met (water)bodemonderzoek bekijken we of de bodem verontreinigd is en of er risico’s zijn voor mens, milieu en grondwater. E
Voordat de werkzaamheden beginnen, worden objecten op de dijk zoals schuurtjes en steigers in kaart gebracht. Als deze objecten in de weg staan, moeten ze vooraf worden verwijderd.
Veelgestelde vragen over droogte
De grondwaterstanden in ons gebied zijn laag. Ze zitten op veel locaties op het niveau van de droge jaren in 2018 en/of 2022. Sinds november 2025 valt er al te weinig neerslag om de grondwaterstand aan te vullen. Het precieze tekort is moeilijk in centimeters uit te drukken. Dit hangt namelijk af van de ondergrond, wateraanvoer, soort landgebruik en soort natuurtype.
Lokale buien helpen maar weinig tegen de droogte. Het regent dan wel, maar dat helpt alleen voor de toplaag van de bodem. Het is niet voldoende om het grondwater structureel aan te vullen. Ook is het te weinig om de lage aanvoer van de Rijn en de Maas te compenseren. Lees hier meer over regen en droogte: Het regent, maar toch is het droog - Peilbeheerder Lotje legt uit hoe dat kan | HDSR
Water van een natte winter of van een hoosbui vasthouden voor droge tijden, dat is minder simpel dan het lijkt. Op de grote rivieren en in uiterwaarden kan het waterschap geen water vasthouden. Zakt de rivier, dan drogen uiterwaarden mee op. In het watersysteem van sloten en weteringen kan water vasthouden wel, maar met mate. Dat is te weinig om tijdens extreme droogte, waarin veel water verdampt, over voldoende water te beschikken.
De optie om veel water op te slaan in een groot gebied is nauwelijks mogelijk. Nederland is een vlak land, met weinig heuvels. Een natuurlijke ‘kom’ waar je water in op kunt slaan, is er in het gebied van De Stichtse Rijnlanden niet. Je zou zo´n kom kunstmatig kunnen aanleggen door dijken te bouwen rondom een groot gebied. Maar zo’n oplossing kost enorm veel grond. In het beheergebied van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) zou een oppervlakte van 8.000 hectare nodig zijn, met een waterdiepte van 1 meter om in juni, juli en augustus over voldoende water te beschikken. Dit komt overeen met 42.000 Olympische zwembaden.
Om een idee te geven is 8.000 hectare te vergelijken met een oppervlakte zo groot als de gemeente Utrecht (De woonplaatsen Utrecht, Vleuten, De Meern en Haarzuilens). Dat zijn 11.204 voetbalvelden. Deze enorme oppervlakte is in het gebied van HDSR eenvoudigweg niet beschikbaar.